Weeën soorten

Voorweeën

Weeën zijn er in veel soorten en maten. In de loop van de zwangerschap raakt u steeds meer vertrouwd met harde buiken; uw baarmoeder trekt samen tot een harde bal. In het begin van de zwangerschap af en toe, naar het einde toe zeer regelmatig. Dit gebeurt spontaan of wordt bijvoorbeeld veroorzaakt door kindsbewegingen, een drukke dag of omdat u in de laatste weken bent. Vanaf ongeveer 36 weken zwangerschap kunt u regelmatig voorweeën voelen. Dit zijn vaak pijnlijke, harde buiken, die met een zekere regelmaat kunnen komen, maar vrij kort van duur zijn. Het kan wel een paar uur aanhouden, vaak ‘s nachts. Hierdoor krijgt u geen ontsluiting, maar uw baarmoedermond wordt wel langzaam maar zeker klaargemaakt voor de bevalling. Echter, het kan best nog 2 weken duren voordat de bevalling daadwerkelijk begint! Ook kunt u de slijmprop gaan verliezen. Dit kan in 1 keer gebeuren of in kleine beetjes. Er kan een beetje bloed bijzitten. Dit is een normaal verschijnsel. Ook het verliezen van de slijmprop zegt niets over het moment van starten van de bevalling.

Indalingsweeën

Het woord zegt het al, het zijn pijnlijke steken helemaal onderin uw buik en soms in uw vagina. Het hoofdje van de baby daalt steeds een stukje dieper in. Laat u niet van de wijs brengen door de voorweeën en de indalingsweeën. Niet iedereen krijgt ermee te maken, maar als u er last van hebt, bedenk dan dat ze echt een functie hebben. Namelijk het verweken van de baarmoedermond om alles klaar te maken voor het echte werk. Ontsluiting krijgt u nog niet van deze weeën. Het helpt vaak om een lekker warm bad of douche te nemen of een warme kruik tegen uw buik aan te leggen. Probeer wat te gaan rusten of (‘s nachts) verder te slapen.

Ontsluitingsweeën

Het belangrijkste kenmerk van goede weeën is dat ze steeds krachtiger worden en steeds langer gaan duren. Een wee die voor ontsluiting zorgt moet 1 tot ½ minuut duren en flink pijnlijk zijn. In de eerste centimeters van de ontsluiting komen deze weeën ongeveer om de 4 tot 5 minuten, maar langzaam maar zeker komen ze steeds sneller op elkaar en gaan ze steeds meer pijn doen. Als u bevalt van uw eerste kindje begint de ontsluiting pas op gang te komen als u echt pijnlijke weeën hebt die 1 tot ½ minuut duren en om de 4-5 minuten komen. Het meest belangrijke is niet hoe vaak ze komen, maar hoe krachtig ze zijn. Je kunt beter 1 wee in 5 minuten hebben die flink lang duurt en pijn doet, dan iedere 3 minuten een wee die maar een halve minuut duurt en die wel pijnlijk is, maar die u best kunt verdragen. De lange en pijnlijke weeën zorgen voor goede ontsluiting.

Persweeën

Tijdens de laatste cm van de ontsluiting kunt u het gevoel krijgen dat u mee moet persen: persdrang. Meestal begint het met een korte drang tijdens het hoogtepunt van de wee. Dit wordt veroorzaakt door het steeds dieper komen van het hoofdje van de baby. Het hoofdje wordt dan tijdens een wee op uw anus gedrukt en dit geeft het gevoel dat u moet poepen. Bij volledige ontsluiting krijgt u een soort oerdrang die niet meer tegen te houden is. Of u nu wilt of niet, u moet meedrukken. Persweeën kenmerken zich dus door het feit dat u niets anders kunt dan meepersen. Ook als u het niet wilt, bijvoorbeeld omdat de verloskundige er nog niet is, maakt je baarmoeder een persbeweging en kunt u niet anders dan toegeven.